11-09-05

JE MAG TOCH EENS DROMEN, NIET?

Een boek schrijven ? Ben je helemaal "nuts" geworden ? Waarover? Je jeugdjaren, maar geenszins autobiografisch. Hoe noem je dat ? "Cherished Memories". Dat is té gek. Je wil dus alle impulsen en beelden die je grijze massa, of wat ervoor moet door­gaan, neerslaan in teksten, maar de personages en situaties transponeren. Dzeejus, wat gebruik jij geleerde woorden ! Begrijp je zelf wel wat je vertelt? Enfin, daar zijn nu verklarende woordenboeken en gesofistikeerde computerhulpjes voor.

Denk jij dat er ook maar  een mens is die wat heeft aan die dolgedraaide fantasmen waar je nu nog steeds mee rondloopt ? Vergooi je tijd niet. Neem vakantie. Ontspan je. Gun je geest eindelijk eens rust. Er is toch geen ziel die je "au sérieux" zal nemen, laat staan het boek kopen. Trou­wens, de eerste de beste derderangsuitgever gooit jouw manuscript in de dichtstbije papiermand. "Paperback writer", maar dan létterlijk én op zijn Vlaams!

 

Oké, ik weet het, het lijkt onzin, maar ik moét het schrijven. Een verhaal vol nostalgie, liefde, passie, angst, frustratie en ongenoegen kan de lezer niet onverschillig laten. Ik heb mijn leven lang geobserveerd, genoteerd, gewikt en gewogen. Ik moet die data ergens verwerken! Kijk naar die pedante typetjes, de één met een slagersbrilletje of dan die langharige, schizofrene viespeuk die steeds maar ettert over "klare taal". De één is virtuoos in taalgebruik en het vereist soms hogere studies om zijn trilogieën te decoderen. De andere heeft – in oplage -de modale stationsromannetjes verdrongen en ‘leest’ omdat men er een ‘hype’ van gemaakt heeft en hij Boontje als viezentiest naar de kroon wil steken. Ze worden daarenboven columnist bij progressieve tijdschriften, noemen zichzelf taalpuri­tein, maar worden fel belaagd door ’t Voske van Wippelgem, die in eenvoudige taal het volk weet te bekoren. Wat hebben die kerels méér als ik ? Jean-Pierre schreef toch ook turfen van duizend bladzijden in amper een week. Als dat het kruim is van onze hedendaag­se literatuur, dan spring ik op hun boot. Wat heb ik erbij te verliezen ? Ga ik kopje onder, wat dan nog, er staan een dozijn andere pseudo-talenten klaar om de rol over te nemen... Dan vergeet ik nog Verhelst, Aspe, Van Laere, Mendes en andere Bavo’s, maar dat genre ligt me enkel als lectuur.

 

Ach man, ze lachen je gewoon in de vernieling. Geloof me vrij, zonder literaire achter­grond, zakelijke relaties en vooral lef - en dit heb je allemaal niet - krijg je sowieso het deksel op je neus. Maak je niet ridicuul en laat ‘romanceren’ aan hen die er aanleg voor hebben. Blijf jij maar bij die eenvoudige dichtsels en loof de Heer’ dat ze verkocht én gelezen worden in eigen regio...

 

 Kalm aan, vriend, nu word ik jouw geleuter zat. Wie zijn die jonge goden wel, dat ze ongestraft bladzijden lang mogen masturberen of zich bezuipen, hun ingebeelde leed verstoppen achter in Xanax en Valium vermomde vrouwen en daarenboven nog op de handen gedragen worden door een meute "vernieuwende" critici ? Als zij, de nieuwe "HEREN" zijn van Vlaanderens cultureel erfgoed, word ik er "herenboer". Niks zal me stoppen. Een ouderwets verhaal moet het worden. Een story waar iedereen van mijn generatie een stukje van zichzelf kan in terugvinden. Jij gelooft er niet in, maar ik durf je verzeke­ren dat er, ondanks die schijnbare onverschil­lig­heid bij het individu, bij elkeen die het zal lezen, een vluchtig of blijvend gevoel van déjà vu zal bestaan.


 

Wat kan er dan zo belangrijk geweest zijn aan dat onbenullige, dat saaie, dat jij een gelukkige jeugd noemt ?  Je was niet eens gelukkig, toen... Je was eerst schuchter, bang van je schaduw en op school was je ook al geen groot licht. Het enige wat je had was je grote bek, jouw arrogantie  en je tomeloze fantasie, waar je telkens naartoe vluchtte als de realiteit je niet zinde. Om aan je diploma te komen heb je niet anders gekund dan je dubbel te plooien over onmetelijke stapels cursussen en bij de profs blufpoker spelen...

Later deed je het al niet veel beter. Door je fysieke handicap werd je een gefrustreerde en arrogante  "dwarsligger". Je was pisnijdig op wie gezond was, maar, toegegeven, je wou er ten koste van alles bijhoren en je klok laten horen. Dat siert je, maar moet dit de ruggengraat worden van een goed verhaal ?

 

Donder op jij. Ben JIJ mijn mentor of dat vervelend mannetje uit mijn gespleten karakter? Ik voel diep in mij dat ik het moét schrijven, maar dan wel in "héél klare taal" ...




14:11 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |